Verbinding 8-2018

Toen ik gevraagd werd om een column te schrijven voor de Kareoler heb ik me afgevraagd of ik daar wel de meest geschikte fi guur voor zou zijn. Ik ken mijzelf een beetje en weet dat ik niet kan schrijven als het braafste jongetje van de klas. Ik kan nogal pinnig zijn en meer dan kritisch in mijn verhaaltrend. Of zoals mijn vrouw wel eens vraagt: “De pen weer gedoopt in vitriool?” Toch denk ik dat het goed is om eens een kritisch stukje te schrijven en dus …

De Nationale Politie haalt vrijwel elke dag de krant vanwege perikelen in de organisatie. Misschien is er wel sprake van enige chaos, zonder structuur en overlegvorm. Kennelijk is dit ook een beetje hoe het dna van de politie is aangemaakt. Ik kom daarop, omdat we het ook zien in alle vormen van hulp en ondersteuning voor de langdurig zieken, chronisch zieken, collega’s met PTSS en collega’s die een dienstongeval hebben gehad. Allemaal goedbedoelde ondersteuning, maar er is geen enkele vorm van overleg. Intern is het (nog) niet goed geregeld, maar extern zie je nagenoeg hetzelfde. Groepjes die zich organiseren, maar dusdanig dat er onderling wrijving ontstaat. Collega’s die zich verbonden voelen op sociale media en daar een platform vinden, maar geen enkele verbinding met het korps hebben of sociale media zien als een uitlaatklep. Allemaal begrijpelijk, maar in mijn visie volkomen zinloos. Als we wat willen bereiken, zal dit alleen kunnen door samen te werken en in ieder geval te weten wat de huidige stand van zaken is.

De voorzitter van de afdeling Politie van de BNMO heeft er bij de Nationale Politie vaak op aangedrongen om te komen tot een overleg van de belangenbehartigers in de breedste zin van het woord. Gezamenlijk overleg en leren wie waar mee bezig is en hoe de belangen beter kunnen worden behartigd. Geen concurrentie, maar samenwerking in het belang van politiemensen die in vaak vervelende situaties zitten. Eigenbelang speelt mijns inziens daarin geen rol. Gelukkig is de BNMO-afdeling Politie flink groeiende en kunnen we met trots zeggen dat we heel veel collega’s vertegenwoordigen. Daarbij noemen wij ook de collega’s die geen lid zijn. Ook voor hen voelen we ons verantwoordelijk en misschien is dat wel de enig juiste instelling.