Respect 5-2019

Zo’n column schrijven, dat vraagt soms toch meer van je dan je zou kunnen bevroeden. Je wilt soms een pittig stukje, een andere keer een wat mildere. Daarbij ben ik niet van het uit de duim zuigen, dus waar komt de inspiratie vandaan? Voor deze column was dat niet zo moeilijk. Deze column gaat over respect. Niet van dat Nederlands slappe respect, van: ‘Goed gedaan joh, maar je werd er toch vorstelijk voor betaald!’ Nee, dit gaat over respect, omdat het in de mens zit die het respect toont.

Een maatje van mij, ook hij heeft na jarenlange politiediensten PTSS, was eindelijk toe aan het al lang geplande bezoek aan de Verenigde Staten. Hij bezocht diverse bezienswaardigheden en deed daarvan verslag op social media. Het was mooi hem te volgen en te zien waar hij zijn fototoestel (of telefoon) liet werken om voor ons zijn herinne-ringen vast te leggen. Naast de gebruikelijke toeristische attracties, zoals Graceland bezocht hij ook Ground Zero. Alleen van de plaatjes werd ik al stil. Ik vond het moedig van hem dat hij dit bezoek aandurfde. Hij werd rondgeleid door een gids die de aanslag had meegemaakt en nu mensen vertelt hoe het was geweest en wat voor een leed er was aangericht. Die gids moeten we even onthouden, want op hem kom ik verderop terug.

Wat doe je als rechtgeaarde diender als je in het buitenland bent? Je zoekt contact met een collega in dat land. Uit eigen ervaring kan ik bevestigen dat het eigenlijk niet uitmaakt waar je bent, die dienders spreken dezelfde taal. Dat blauwe hart blijkt overal hetzelfde te zijn. Als lezer zult u inmiddels wel nieuwsgierig zijn waar ik heen wil, namelijk terug naar de New Yorkse diender en de gids van Ground Zero. Want het kon niet anders dat mijn hoofdpersoon, mijn maatje, aan hen meldde dat hij in het politiewerk was getroffen door PTSD (PTSS in het Engels).

We kunnen ons wel voorstellen hoe dat gesprek zal zijn verlopen. Het wonderlijke was dat beiden bij hun afscheid, on afhankelijk van elkaar, mijn maatje dankten voor wat hij had betekend voor de maatschappij. Dat raakte me, toen ik dat las. Ik werd er een beetje emotioneel van. Kijk, dat is het respect dat mensen verdienen die zich hebben ingezet voor de maatschappij, waar dan ook.