Kwaad 6-2019

Ik ben niet zo snel kwaad. Ik heb geleerd dat kwaadheid mij geen goed doet, dan spelen mijn restklachten PTSS op. Mijn lijf reageert dan en ik voel me er ongemakkelijk bij. Dus probeer ik zoveel mogelijk in de ontspanmodus te blijven en daar slaag ik meestal in. Toch lukt het de Nationale Politie keer op keer om mij, en ook anderen, kwaad te krijgen.

De afgelopen maanden had ik veel contact met collega’s die uitvallen met psychische klachten. Veelal zijn deze collega’s al gediagnostiseerd en ze blijken een werk gerelateerde Posttraumatische stress stoornis (PTSS) te hebben. Sommige collega’s zijn niet meer in staat om verder te werken en komen bij het UWV terecht. Maar er zijn ook collega’s die nog prima kunnen werken, zij het in een andere functie of misschien nog maar een deel van de eerder afgesproken werktijd.

Het zal ongetwijfeld wel eens goed gaan, maar gelet op de verhalen die ik hoor als vrijwilliger bij de BNMO, gaat het ook heel vaak mis. Dan worden juist deze collega’s ‘gedwongen’ naar de uitgang geleid. Ik geef een voorbeeld. Een wijkagent van een aandachtwijk heeft de boel goed voor elkaar. Er heerst rust in de wijk en zijn contacten zijn prima, allemaal korte lijntjes. De boel is onder controle en dat is wel eens anders geweest. Er ontstaat roosterdruk en de wijkagent, inmiddels van middelbare leeftijd, wordt ingeroosterd voor de noodhulp. De mensen in de wijk zien hem nauwelijks meer en een incident werpt hem terug in een PTSS. Hij wordt gediagnostiseerd en behandeld. In de gesprekken met zijn chef geeft hij aan graag voor enkele uren per dag te willen re-integreren in zijn wijk. De bedrijfsarts geeft aan dat het onverstandig is om hem in te roosteren voor de noodhulp.

Het antwoord van de chef is: “Dan heb ik niets aan je.” En weer zit een collega thuis. Niet omdat híj niet wil, maar omdat zijn chef niet wil. Als ik goed naar de korpschef heb geluisterd tijdens een van zijn interviews op tv, wordt alles erop gericht om zieke collega’s weer aan het werk te krijgen. Ook als dat betekent dat er maatwerk moet worden geleverd. Kennelijk is die boodschap nog steeds niet doorgedrongen tot de werkvloer en de daar regerende chefs, want dit verhaal staat niet op zichzelf. Ik heb legio voorbeelden. Die zal ik niet noemen, want dan word ik kwaad en is deze column waarschijnlijk morgen ook te lezen op de voorpagina van een landelijk dagblad. Er is nog heel veel werk te doen.