Hart onder de riem 7-2019

Als je jezelf een beetje in de wereld van de politiemens met PTSS verdiept, kom je toch veel dezelfde patronen tegen. Heel kenmerkend zijn de gevechten die geleverd worden met de (voormalige) werkgever, boosheid, verdriet en uiteindelijk berusting.

Ook ik ontkwam er niet aan. Met een groot gevoel voor rechtvaardigheid, een scherpe pen en een misschien nog wel scherpere tong bestreed ik alle onrechtvaardigheid in politieland. Met een groot netwerk uit de tijd dat ik actief was in de medezeggenschap kwam ik na jaren strijd in een fase waarin ik vooral boos was. Boos, omdat mijn leven op zijn kop stond en omdat ik plots afhankelijk was van pilletjes en ik niet meer kon doen wat ik wilde. Boos op de chefs die me in de steek hadden gelaten, me hadden laten zwemmen in niemandsland en daarna boos op het onrecht wat ze me hadden aangedaan. Ze, de politie. Naar ik nu weet, was dat laatste niet meer direct PTSS, maar meer moral injury, maar net zo vervelend.

Het is nu een aantal jaren geleden dat ik besefte dat ik waarschijnlijk zou eindigen als een vervelend zuur persoon als ik zou blijven hangen in het verleden. Uitgaande van de gemiddelde levensverwachting rekende ik uit dat ik nog tientallen jaren mee kon. Als ik het een beetje prettig wilde hebben, moest ik mezelf bij kop en kont pakken. Verhalen van mensen met PTSS lees ik selectief en zeker van degenen die alleen maar negativiteit ten toon spreiden. Hoewel ik door mijn werk voor de BNMO dagelijks met mensen in aanraking kom die ‘diep in de shit zitten’, blijf ik een optimistisch verhaal vertellen. In de tijd dat ik ziek werd, ontdekte ik dat ik niet alleen was en dat het prettig was om met lotgenoten in contact te komen. Ik ben ze zoveel mogelijk blijven volgen en zag dat ze eenzelfde ontwikkeling doormaakten als ik. Eerst de boosheid van het aangedane onrecht, daarna het langzaam afnemen daarvan en de terugkeer van de eigen regie en vooral weer het plezier in het leven. Het weer kunnen genieten van dat wat kan, ook als de gevolgen van dat wat niet kan op de koop toegenomen moeten worden. Ik ben er gelukkiger van geworden. Dat gun ik al mijn lotgenoten en daarom dit stukje.

‘PTSS sucks’, maar met hulp en de terugkeer van de eigen regie is er goed mee te leven. Het is een boodschap die ik graag een keer wilde opschrijven voor hen die nu in de fase zitten die ik alweer een tijdje achter me heb gelaten.