De Achterhoek !

Al voor de wekker gaat zit ik beneden achter de computer. Even de route naar Borculo checken want ik wil natuurlijk niet te laat komen. Een uur en twintig minuten en dat aftrekken van half tien in de ochtend en zo kom je op mijn vertrektijd. De motor van de druppelaar af, helm op en doorwaai jas aan en de motor uit het hok. Nog snel een afscheidskus en op naar Borculo.

Het is rustig op de A50 en ben binnen de kortste keren in Apeldoorn. De bocht naar de A1 doet het goed en de BMW hangt lekker, toch een fijne motor en stuurt ook heel betrouwbaar. Na een stuk A1 de afslag om de Achterhoek in te rijden. Ik vind het altijd weer frappant om te zien hoe netjes het hier is, alsof het altijd zondag is. Trots volk ook, ik zie regelmatig de Achterhoekse vlag wapperen, mooi.

De TomTom geeft aan dat ik er bijna ben. Leuk plaatsje Borculo maar waar moet ik precies zijn, het laat zich raden. Ik zie aan de rechterkant van de weg een pracht van een Indian staan en twee niet minder mooie Harleys. Ik weet het zeker, hier is het. Ik zet de motor in het rijtje en de deur zwaait open en ik wordt hartelijk ontvangen door de gastheer van de dag. “Loop maar door naar boven, linksaf en dan zie je ze rechts wel zitten” en zo was het ook. Ik maak kennis met mijn reisgenoten waarvan een aantal mij bekend voorkomen maar ik weet het niet zeker. Maakte ook totaal niet uit want ik kreeg direct het gevoel of ik er al jaren bij hoorde en dat bij een eerste ontmoeting.

De koffie smaakt best en dan is het moment aangebroken om te vertrekken.

De Big Twins laten hun specifieke geluid horen en mijn boxer, bescheiden als altijd, doet ook mee. Daar gaat ie dan. We rijden door de prachtige Achterhoek waar de lommerrijke lanen worden afgewisseld door velden met mais en gras. Prachtige huizen, parkachtige tuinen, vee dat loom van de warmte de schaduw zoekt en hele hordes grijze bolletjes die al fietsend het luie zweet opwekken. Ook mijn zweetklieren doen hun best maar mensen wat geniet ik van al dit moois. Ook mijn motorrij vaardigheden worden op de proef gesteld en ik kan merken dat ik de laatste tijd best veel heb gereden en ook helpen de lessen die ik in mijn jonge jaren bij de Hermandad heb moeten ondergaan.

Tijdens een korte stop even de gelegenheid om een en ander vast te leggen op de gevoelige chip. Voor het nageslacht, voor mijzelf en voor Bert ‘the Artist’ die helaas verstek moest laten gaan en zo toch er een beetje bij was. Hup en weer verder. Nog meer Achterhoek dus nog meer schoonheid.

En dan slaan we af en komen we bij de ‘Peerdenstal’ te Ellecom. Tijd voor de inwendige mens en een bloemlezing aan grappen en grollen zoals dat alleen in Twente en de Achterhoek kan. Ik heb ze helaas niet kunnen optekenen want daarvoor volgden ze zich te snel op. Maar de volgende keer zal ik vragen of ik ze op mag nemen want daar kunnen we een avond mee vullen.

Het voorgeschotelde is van goede kwaliteit waardoor het ook weer snel op was en de reis kon worden vervolgd. Het aangekondigde doel was de ‘Posbank’. Ik geloof dat ik er ooit een keer ben geweest met een schoolreisje maar dat is dan toch meer dan 45 jaar geleden, maar zeker is dat ik er nog nooit op een motor ben geweest. Onze reisleider gaf gelukkig van te voren een aantal instructies zodat ook ik ongeschonden boven ben gekomen want zeker de laatste bocht voor de top had ik anders verkeerd ingeschat en had ik waarschijnlijk een pose aangenomen in het struweel. Eenmaal boven weer een  korte pauze en daarna weer bergaf. Het was niet alleen heel mooi, ik had echt de tijd om eens goed rond te kijken door een zeer treuzelende automobiliste voor me, maar ook de indruk gevend dat Nederland ook hier een stukje buitenland heeft.

Uiteindelijk kwamen we weer terug in Borculo waar we een versnapering tot ons namen in de vorm van de alcohol vrij biertje (erg welkom en erg lekker). We hebben de dag geëvalueerd en nog een aantal anekdotes opgediept waarna het tijd was om weer huiswaarts te keren.

Via Lochem, Holten, Heetten, Wijhe en Zwolle kom ik weer op mijn eigen dijk richting Zalk. Ondanks dat de vermoeidheid voelbaar is overdenk ik de dag. Wat een mooie dag, niet alleen de dertig graden, om zo met elkaar rond te rijden in het Nederlands landschap en er is geen mens die kan klagen dat ze overlast van ons hebben ervaren. Gewoon heel netjes gereden met oog voor de omgeving en de mede weggebruikers.

Als Tukker die het Tukkerland op jonge leeftijd heeft verlaten toch weer ervaren wat een mooi land het is en wat een specifieke humor die oosterlingen hebben, ik heb genoten en dank daarvoor mijn reisgenoten. En dan als laatste, ik ben blij dat ik op tijd vertrokken ben want zegt het gezegde niet: “An hard loop’n he’j nich völ, ie mot op tied van hoes goan”

Een paar foto’s klik hier

Johan ‘Big Flea’ Schuurman